![]()
Rawk'N'Roll.Net - Alexander Spasov
Slychosis
Година: 2006
Лейбъл: Fossil Records
Държава: САЩ
http://www.slychosis.com
Музиката на триото не е лесна за класифициране, но все пак като изключим Innerspace (блуждаеща около ранните Yes) и Until Then (поразително напомняща Pink Floyd), то в останалите песни е трудно да се намери такъв явен еталон на подражание. Композициите криволичат през характерни Rush отсвирвания, типични Deep Purple клавирни пасажи, отнасящи спейс/психеделик фрагменти и достигащи чак до дебрите на авангардния рок. И за да бъда максимално кратък в стилова принадлежност на Slychosis, бих им поставил универсалния етикет изкривен арт-рок.
Дебютът на Slychosis едва ли ще донесе някакво вълнение в спокойните и заблатени води на съвременната прогресив рок сцена, но едно е сигурно - докато има такива групи, това е доказателство че някъде дълбоко под тинята и краставите жаби (които колко и да ги целувате няма да станат на принцеси), все пак има живот.
Оценка:
![]()
![]()
Progwereld.org - Dick van der Heijde
Slychosis is het opnameproject van drie Amerikaanse mannen te weten James Walker, Gregg Johns en Todd Sears. Noem het gerust een bandje. Deze uit Mississippi afkomstige muzikanten kennen elkaar al goed uit het verleden. Bassist Walker en gitarist/toetsenist Johns spelen al hun halve leven samen en Sears was drummer in een gezamenlijke band, Final Spin. Wat voor ons echter veel belangrijker is, is dat ze op dit titelloze debuut ongegeneerd de progger hebben uitgehangen. Dit door uiting te geven aan hun invloedsbronnen zoals The Beatles, ELP, Genesis, Alan Parsons, Pink Floyd, Rush en Yes.Het eerste dat opvalt aan deze cd is die ongelofelijk goor klinkende bandnaam. Hoe verzin je het? Tja, het zal wel zelfverzonnen zijn, want op internet kwam ik niks tegen dat ook maar een beetje op het woord Slychosis leek en ik heb me suf gezocht. Zouden we hier te maken hebben met een band die zich vernoemd heeft naar een naargeestige voetschimmel of is Slychosis een nog onbekende variant op de taaislijmziekte? Had ik het moeten zoeken in de hoek van de psychologie omdat bandleider Gregg Johns daarin z’n professie heeft of is Slychosis een of andere term uit de paranormale wereld? Dat zou goed kunnen, want met dat laatste hebben de heren absoluut raakvlakken. Ik had er natuurlijk een mailtje aan kunnen wagen maar nee, ik houd liever alle opties open. Met die instelling hebben de mannen immers ook hun muziek neergezet.Dit album zou kunnen gelden als een waar prototype eigen beheer album met z’n onbegrensde creativiteit en z’n goedbedoelde, maar veel te dunne productie. Onbevangen lardeert Slychosis hun niet-complexe jaren '70 prog met elementen hardrock uit die tijd en heel veel psychedelica, maar er zijn ook neo-proggy toetsensolo's en jazzy passages te horen. Ook maakt Slychosis veel gebruik van vocalisaties. Dan weer hoor je een vocoder, dan weer hoor je een geluidsfragment met stemmen.Jammer genoeg zit er bij deze cd geen tekstboekje, want de tot de verbeelding sprekende fantasy / scifi-schrijfsels van Johns getuigen van intelligentie.Het gedragen Samuel opent de plaat. Het bevat mooie Mellotronklanken, stemmige tokkels en diepe baspedalen. In het vlotte instrumentale gedeelte geven de heren - en dan met name Johns - blijk van een prima instrumentbeheersing. Johns verzorgt ook de leadzang en eerlijk gezegd vind ik dat een keuze bij gebrek aan beter. Zowel in Samuel als in o.a. Innerspace en Dreamscapes worden de pakkende zanglijnen voorzien van zijn hoge stem. Johns zingt intens en daardoor zitten de luisteraars soms wel met samengeknepen billen.De eerste vier nummers kweken met hun songmatige toegankelijkheid behoorlijk wat sympathie. Deze is hard nodig gedurende de rest van het album, want dat is nogal wisselvallig. De heren weten er niet zo goed balans te houden tussen creativiteit en muzikaliteit. Ieder bandlid heeft z’n solonummer. Zo bestaat Wild Night in Calcutta slechts uit een pot gedrum met wat hinderlijk geklier van een digitale drumpad met daaroverheen een paar vervormde stemmen. Het is de bijdrage van Todd Sears. Hiermee wordt de tint van het album een stuk donkerder. Nummers als Cyber-Evil en het modernistische Meltdown hebben een grauwe industriële uitstraling die hen goed staat. Meltdown is zo'n nummer dat je bikkelhard moet draaien. Irritant ritme, irritante gitaar, irritante solo. Heerlijk.Toch is dit een album dat meer sputtert dan spettert en dat is jammer. Het zit er allemaal best in, de fraaie polyritmische intro van Cyber-Evil, het lekkere orgeltje van Frosted Mini Suite en de fraaie Floyd fratsen in Until Then. Ook het sologebeuren van Gregg Johns in Glass 1/2 Full, waar hij akoestische gitaar met wat bas en Mellotron speelt, mag zich rekenen tot het rustpuntje dat menig album goed zou kunnen gebruiken.
Het laatste nummer heet EVP hetgeen Electronic Voice Phenomena betekent. Echte spirituele stemmen, blablabla. Na herhaalde beluistering viel het kwartje. Slychosis heeft een leuk plaatje gemaakt op een bovengemiddeld amateurniveau dat helaas te vaak moet lijden onder de drang apart te willen zijn. Het is evenals hun gore bandnaam: het is veel te veel verzonnen.
Dick van der Heijde
- Marcus Kästner
Diese zeigt sich im ersten Hördurchlauf ähnlich widerspenstig, inhomogen und unausgegoren, ähnlich amateurhaft wie eben das Artwork. Nichtsdestotrotz bin ich neugierig geworden, habe das Gefühl, dass mir dieses Album noch etwas mehr zu bieten hat. Und schließlich, nach einigen weiteren Durchläufen, gelange ich zu der Meinung, dass Slychosis und ihr selbstbetiteltes Album doch einen näheren Blick wert sind.
Dabei dürfte der Sound in der Tat zunächst die größte Hürde darstellen. Die drei Musiker von Slychosis zelebrieren verschiedenste Musikstile, die wohl ihre musikalische Reifung seinerzeit prägten. Somit finden sich sowohl Retroprog, als auch Neoprog, Psychedelic und Spacerock auf ihrem Album – das anspruchsvolle Rock-Potpourri eben der Zeit von den späten 60ern bis in die frühen 80er. Sie begegnen diesen Retro-Stilen allerdings nicht in deren modernernisiertem Klanggewand, wie dies Gruppen wie die Flower Kings machen, sondern setzen den Stücken ihren eigenen, „historischen“ Klangstempel auf. Dieser ist eben gewöhnungsbedürftig, ein wenig muffig und angegilbt, aber doch sauber differenziert.
Aber Sound ist eben nicht alles. Auf kompositorischer Ebene überzeugen Slychosis durch geschmackvoll gewählte, nie überkandidelte. dafür zündende Arrangements. Jedes Stück entspricht einer anderen Inspiration – 'Samuel' bietet Neoprog, ''Wild Night In Calcutta' frühen Psychedelic (natürlich mit Harrison-typischer Sitar) und 'Innerspace' klassischen Prog à la Yes. Gegen Ende der Platte tauchen dann auch ein paar „losgelöste“ Stücke auf, an denen ich keine direkte Inspiration erkenne. 'Meltdown' bietet flotte, fast metal-artige Gitarren und 'Space Bass' ein sauber getapptes Basssolo vor sphärischen Keyboards.
Das letzte Stück, 'EVP', greift, wie der Name schon verlauten lässt, auf die Technik des „Electronic Voice Phenomenom“ zurück. Auf der Seite der Amerikaner lässt sich dies noch vertieft analysieren. Ob die Stimmenfetzen, die immer wieder eingeblendet werden, tatsächlich von Geistern stammen, möchte ich hier nicht näher diskutieren, die Idee und Umsetzung finde ich jedoch äußerst originell und gelungen.
Slychosis haben sehr viel Liebe und Sorgfalt in dieses Album gesteckt, das ist spürbar, genauso wie der Respekt vor den „Alten“, vor den Beatles, vor Yes und Genesis, aber auch Hawkwind. Einzig am Gesang Johns', der mir oft etwas zu süßlich ist, habe ich zu mäkeln. Diejenigen, die der Meinung sind, Retroprog könne ihnen nichts mehr bieten, machen auch besser einen Bogen um dieses Album. Der Retroprogger an sich sollte hier aber gut und kurzweilig bedient werden.